Het was indrukwekkend. De kerk was donker. Ik zat op de bank met een kaars in mijn hand, nieuwsgierig naar wat er zou gebeuren. De kaars brandde niet, de mensen zwegen. Stilte. Opeens geschuifel, gerommel aan een deur. De deur van de kerk ging open. ‘Christus is opgestaan!’ galmde door de kerk. Voetstappen. En toen: ‘Licht van Christus!’, en daar zag ik de Paaskaars door het gangpad aankomen. Eén lichtbron in die donkere kerk. Nog een keer riep de vrouw die de kaars droeg: ‘Licht van Christus!’. Even later keek ik ademloos naar het licht dat werd doorgegeven. Rij na rij baadde de kerk in steeds meer licht. De kaars in mijn hand brandde, kippenvel op mijn armen.
Het was de eerste keer dat ik zoiets meemaakte.
Ik verlang dezer dagen, soms wel meer dan ooit, naar dat Licht van Christus dat een kerk verlicht. De woeste wervelwind die over het wereldtoneel waait is ongekend en niet te volgen – en dat schijnt ook de bedoeling te zijn. In deze veertig-dagentijd trof mij het verhaal van Pieter Wittenberg die half maart overleed. Hij hielp de bootvluchtelingen op Lesbos. Hij werd samen met anderen aangeklaagd omdat hij water en kleding aan de aangespoelde vluchtelingen gaf. Hij riskeerde hiervoor 20 jaar gevangenisstraf. Na acht (!) jaar procederen is hij vrijgesproken. Met in gedachten ‘Dat gebeurt alleen in Griekenland’, wordt in ons land een wetvoorstel behandeld waarin hulp bieden aan illegalen strafbaar wordt gesteld. En zo zijn er meer verhalen die verontrusten.
Daarom verlang ik dezer dagen naar Pasen. Om het Licht van Christus dat zich verspreidt, aanstekelijk, door de donkere kerk, door onze tijd, in verduisterde levens. Hoe verlang ik naar dat Licht dat alles verlicht en van de kerk een veilig plaats maakt. Dat we vanuit die plaats onze levens in kunnen gaan en Pasen ervaren. Want Pasen is daar waar wij het willen maken en zien. Pasen is daar waar wij, geraakt door het Leven van God in Christus, vensters van nieuw leven zijn, waar wij opstaan zoals Jezus en zijn liefde belichamen.
De ene kaars van die Paasnachtdienst heeft nog maanden op mijn tafel gestaan. Het was een herinnering aan het Licht dat nooit meer dooft die ik koesterde. Moge het Licht van Christus voor u schijnen, daar waar u bent, waar u een veilige plaats nodig hebt, waar u een veilige plaats voor anderen kunt zijn.
Gezegende Paasdagen!
ds. Marijn Gilhuis